Inspiratie

7 februari 2019

“Niemand heeft mij gevraagd hoe het gaat”

‘Ik zei dat hij op reis was voor werk. Ik schaamde me enorm.’ Schaamte kent bijna elk kind van wie de vader of moeder in de gevangenis terechtkomt. Dankzij het project Zie je mij wel van de Kinderombudsman en stichting Exodus is meer bekend over wat kinderen van gevangenen ervaren, en hoe de buitenwereld hen beter kan helpen.

Kinderen van gedetineerden hebben last van verdriet, boosheid, gemis, eenzaamheid en vooral schaamte. Sommige kinderen zouden liever vertellen dat hun vader of moeder dood is dan dat hij in de gevangenis zit. Om beter overweg te kunnen met hun situatie vinden ze dat de aanpak van, en hulp voor kinderen anders moet. Bijvoorbeeld dat voorkomen wordt dat kinderen moeten zien dat hun ouder wordt opgepakt. Ook willen kinderen graag beter geïnformeerd worden over wat er gebeurt als hun vader of moeder naar de gevangenis moet, en vinden ze dat er meer ondersteuning en zorg moet komen. Dit blijkt uit het project Zie je mij wel van de Kinderombudsman en stichting Exodus (voor hulp aan ex-gevangenen). De onderzoekers vroegen de kinderen een tijdlijn van hun leven te maken van de periode dat hun vader of moeder gedetineerd was. En aan te geven wanneer welke hulp fijn was geweest.

25.000 kinderen
De resultaten zijn gepresenteerd in een verslag waarin de kinderen hun verhaal doen. Twee van hen, Rosita en Mats (niet hun echte namen), komen uitgebreid aan het woord. ‘Ik werd wakker van heel hard lawaai en geschreeuw beneden. Ik was zo bang en durfde niet te gaan kijken’, vertelt Rosita. ‘Ik verstopte me onder de dekens. Toen ging de deur van mijn kamer open en er kwam een mevrouw binnen die ik niet kende. Ze zei dat mijn moeder mee was met de politie. Ik moest mee naar beneden en op de bank wachten tot mijn tante me kwam halen. Ik was nog steeds bang, want mijn moeder was weg en politiemannen waren in onze spullen aan het zoeken.’ ‘Mijn moeder loopt al dagen te huilen’, vertelt Mats, wiens vader eerst zoek was en toen in het buitenland vast bleek te zitten. ‘Ik voel me ook rot maar weet niet met wie ik kan praten. Niemand heeft aan mij gevraagd hoe het gaat.’ Rosita en Mats zijn twee van de ongeveer 25.000 kinderen die een ouder moeten missen doordat die in de cel zit. 25.000! Dat zijn er nogal wat. Selena was zes toen haar vader plotseling verdween. Selena’s vader zat eerst in het buitenland in de gevangenis, later in Nederland. Ze vertelt dat ze zich vooral in het begin heel erg schaamde. Niemand kreeg te horen dat haar vader in de gevangenis zat. Als ze het wél zou vertellen, zou ze zelf ook slecht lijken, dacht ze. Later vertelt ze het toch aan haar klas. ‘Hij heeft het gedaan en niet ik. Dat is iets wat de kinderen moeten onthouden.’

Oplossingen
Het mooie van het onderzoek is dat de kinderen zelf oplossingen aandragen. Per fase – van stap 1 ‘Tijdens de aanhouding’, tot stap 6 ‘Verlof, vrijkomen en toekomst’ – geven ze aan hoe het beter kan. Een paar voorbeelden. Omdat kinderen vaak niet weten hoe de cel van hun vader of moeder eruit ziet, zou het helpen als gevangenissen foto’s en filmpjes op hun website plaatsen. Omdat kinderen vaak aan niemand hun verhaal kwijt kunnen is een vaste vertrouwenspersoon nodig. Dat kan ook een vrijwilliger zijn. Omdat gevangenisbezoek eng is met detectiepoortjes en soms fouilleren, is het nodig kinderen goed voor te bereiden op het bezoek. Verder willen kinderen graag altijd kunnen appen en bellen met hun ouders en willen ze heel graag dat knuffelen en aanraken mag. Nu is dat nog verboden omdat men bang is voor smokkel. Tot slot vinden kinderen dat er kindvriendelijke ruimtes in gevangenissen moeten komen.

Gezinskamers
Met het laatste wordt in Nederland hier en daar al geëxperimenteerd. In 2017 startte in de PI’s Leeuwarden en Veenhuizen het project Gezinsbenadering. Wie meedoet, moet voor 100% gaan voor meer contact met zijn kind. Drugsgebruik is uit den boze en de deelnemende vaders moeten een persoonlijk doel opstellen. In Leeuwarden en Veenhuizen zijn nu als proef gezinskamers voor vaders ingericht. Met een gezellige inrichting, spelletjes, een tv, een tablet om te kunnen skypen, en ook zonder cameratoezicht. Het idee erachter is dat vaders die met de toekomst van hun kind bezig zijn, ook werken aan hun eigen toekomst. En tegelijk dat het beter is voor de kinderen zelf. Een kind mag niet de dupe zijn van het feit dat zijn vader vast zit, vinden ze in Leeuwarden en Veenhuizen. Het project gezinsbenadering is er om de band tussen kinderen en hun gedetineerde vader te verbeteren en zo kind én vader te helpen. In die kamers zullen ook de kinderen die hebben meegewerkt aan Zie jij mij wel zich beter voelen. ‘Ik vond het best wel heftig met al die gangen en deuren en bewakers’, vertelt Mats over zijn bezoek aan de gevangenis waar zijn vader zit. ‘Ik moest door poortjes lopen en mijn tas werd gecontroleerd. En dan zit je aan zo’n tafeltje met een raam ertussen. Ik zou liever gewoon samen een potje voetballen zoals vroeger, en dan tussendoor een beetje kletsen.’

deel     deel

Spring naar toolbar