Historie


Het is allemaal begonnen als pionierswerk in het begin van de jaren 60. Joop Spoor als geestelijk verzorger bij Justitie in de Scheveningse gevangenis werd door familie van een gevangene geattendeerd op het feit dat er ook Nederlanders in het buitenland gevangen zitten die graag steun willen hebben.

De eerste reis naar Zweden werd al snel gevolgd door reizen naar andere, vooral eerst Europese, landen.

In 1984 werd dominee Spoor vrijgesteld voor dit werk met behoud van salaris van het Ministerie van Justitie. Om die reizen te kunnen maken deed hij een beroep op giften van mensen uit kerken en de Nederlandse samenleving.

In datzelfde jaar werd de stichting opgericht. Prof. Mr. Dr. I.A. Diepenhorst, een man met veel gezag in die dagen, geeft het belang van het werk van de stichting ongeveer als volgt aan:

"Zoals gevangenen in een Nederlandse gevangenis in alle vrijheid een beroep kunnen doen op aandacht en zorg van een geestelijke verzorger, zo moet dat ook kunnen gelden voor al die Nederlanders die verdwaald zijn geraakt in een gevangenis in het buitenland".

De man van het eerste uur pionierde nog een aantal jaren met steun van enkele collega's die ook bij Justitie werkten en een lekenpastor.

In de loop de jaren werd het werk steeds meer uitgebreid; een kantoortje in Utrecht, toenemende steun van Ministerie van Buitenlandse Zaken; nog meer collega's die als vrijwilligers hun diensten aanboden.

In 1998 kwam er een doorbraak. De minister van Buitenlandse Zaken kende een dusdanige subsidie toe dat het aantal reizen aanmerkelijk kon worden uitgebreid.

Op voordracht van de Tweede Kamer werd een vergelijkbare verhoging van de subsidie toegekend voor het jaar 2008; het aantal vrijwillig werkende geestelijke verzorgers werd daarmee met dertien uitgebreid.